Cart
Checkout Secure

Hoe zit dat?

Hoe zit dat?

door Tjeerd de Zeeuw

Regelmatig komen vragen over voeding, supplementen, sport en gezondheid op ons pad. We hebben een selectie gemaakt van vragen die wellicht ook voor de lezers interessant zijn om hier te beantwoorden. 

  1. Elke keer als ik een eiwit shake drink slaat mijn maag op tilt. Wat kan ik hier tegen doen?

Het gebeurt dat mensen na het nuttigen van een shake klachten krijgen. Heb je met darmklachten te maken dan kan het zijn dat je een lactose intolerantie hebt. Dit betekent dat je niet in staat bent om het melksuiker lactose goed te verteren. Lactose wordt in het lichaam door het enzym lactase afgebroken in glucose en galactose. Deze suikers worden vervolgens opgenomen in het bloed. Maakt je lichaam nu onvoldoende lactase aan dan kan dit zorgen voor complicaties. In Nederland is zo’n 10% van de bevolking lactose intolerant. Buiten Europa, waar van oudsher minder zuivel genuttigd wordt, ligt dit percentage veel hoger. Een ruwe schatting is dat zo’n 70% van de wereldbevolking in meer of mindere mate lactose-intolerant is. Met het ouder worden neemt het vermogen af om lactase aan te maken. Het kan dus voorkomen dat je als kind geen klachten had wanneer je melk dronk maar dat dit als volwassene wel het geval is.


Indien je een lactose-intolerantie hebt kunnen voedingsmiddelen die lactose bevatten, zoals melk, het best vermeden worden. Eiwitpoeders die gewonnen worden uit melk, zoals bij wei of caseïne het geval is, bevatten in de regel lactose. Een uitzondering hierop vormt wei isolaat. In dat geval is het product gezuiverd van vet en koolhydraten en is de hoeveelheid lactose te verwaarlozen. Let wel op dat je een echte wei isolaat hebt. Soms staat het op de verpakking maar bevat het product nog steeds een aanzienlijke hoeveelheid koolhydraten (=lactose). Een alternatief is het kiezen voor eiwitpoeders die niet op basis van melk zijn maar gemaakt van ei, soja of erwten. Deze producten zijn gegarandeerd lactose vrij.


Een lactose intolerantie moet overigens niet verward worden met een koemelk allergie. In dit geval worden de eiwitten niet goed afgebroken in aminozuren waardoor die eiwitten in de bloedbaan komen. Het immuunsysteem reageert hierop met een reactie. Reacties van de huid zijn een veel gehoorde klacht. Krijg je dus na het nuttigen van je shake last van eczeem, puisten of andere huidklachten dan kan het verstandig zijn eens een voor een shake te kiezen die niet van melk gemaakt is. Wei isolaat is in dit geval geen optie omdat dit weliswaar geen lactose maar nog steeds melkeiwit bevat. Proteïne poeders op basis van ei, erwten of soja kunnen wel genomen worden. 







  1. De laatste tijd lees ik op Amerikaanse forums veel over TRT of HRT. Is dit nu hetzelfde als het “kuren” van sommige bodybuilders?

TRT staat voor “testosterone replacement therapy” en HRT voor “hormone replacement therapy”. Bij TRT is het idee dat het testosteron niveau van het lichaam naar een optimaal peil gebracht wordt. Bij HRT kunnen meerdere hormoonwaardes “geoptimaliseerd” worden, dus bijvoorbeeld ook die van de schildklier of groeihormoon.


Bij “kuren” worden anabole steroïden en/of andere middelen zoals insuline of groeihormoon gebruikt om kracht en/of spiermassa op te bouwen. De grenzen van wat natuurlijk mogelijk is worden zo doorbroken. “Kuren” is vaak een aanslag op de gezondheid. Je vraagt iets van het lichaam waartoe het eigenlijk niet in staat is. Althans niet voor langere tijd. Het is alsof je met je auto 200+ km per uur gaat rijden. Doe je dit regelmatig dan zal je auto eerder te maken krijgen met mankementen en slijtage.


Bij TRT of HRT breng je je lichaam in optimale conditie. Het is alsof je je auto een grondige onderhoudsbeurt geeft waardoor hij (bijna) weer in dezelfde staat verkeert als toen je hem kocht. Het doel is dus niet primair spiermassa en kracht, al kan dat een leuke bijkomstigheid zijn, maar het tegengaan van tekorten of ouderdomskwalen. Een lage testosteronafgifte kan bijvoorbeeld leiden tot een gebrek aan energie, een verminderd libido en een toename van de vetmassa. Indien het lichaam niet (meer) in staat is om zelf voldoende testosteron aan te maken kan er voor gekozen worden om testosteron medicinaal toe te dienen. Dit is dan niet zoals bij een anabolen kuur een tijdelijke (suprafysiologische) aanvulling maar meestal een keuze voor de rest van het leven. 


Een HRT of TRT protocol begint altijd met grondig bloedonderzoek. Indien bepaalde waardes niet binnen de normen vallen en dit niet langs natuurlijke weg herstellen zal, dan kunnen bepaalde geneesmiddelen ingezet worden om de balans te herstellen. Een HRT protocol kan er bijvoorbeeld als volgt uit zien:


-Testosteron Enanthaat 40mg elke 3e dag

-400 i.u. HCG de dag voor de injectie testosteron

-10mg Aromasin elke 3e dag


De middelen die hierbij gebruikt worden zijn dezelfde als bij een “kuur”, echter de doseringen vele malen lager. Tijdens een HRT protocol dient regelmatig bloedonderzoek plaats te vinden. Aan de hand daarvan en het subjectieve welbevinden kunnen dan aanpassingen aan het HRT regime gemaakt worden. Het uiteindelijke doel is langer gezond en vitaal te blijven. In zeker opzicht is er dus wel een raakvlak tussen “kuren” en TRT/HRT: in beide gevallen worden de grenzen doorbroken van wat natuurlijk mogelijk is, echter het uiteindelijke doel is totaal anders.

  1. Klopt het dat het slecht is om ’s avonds veel te eten? Wordt dit eten eerder opgeslagen als lichaamsvet?

Je komt aan als je meer eet dan je verbrandt. Zo lang je calorie inname in verhouding is tot je verbruik zal je niet dik worden door een grote maaltijd voor het slapen gaan. Je wordt pas vet als je overdag veel eet en dan ’s avonds ook nog eens flink opschept. Het is een simpele optelsom van calorieën. Stel je hebt 2500 kcal nodig om op gewicht te blijven. Die ochtend heb je een ontbijt van 500 kcal genomen en daarna tot de avond niet meer gegeten. Je neemt dan een flinke maaltijd van 1500 kcal. Het totaal aantal calorieën van die dag blijft zo nog 500 kcal beneden je onderhoudsbehoefte. Je valt dus af. Het feit dat je vlak voor het slapen nog een boel hebt gegeten verandert daar niets aan.


Twee recente onderzoeken laten zelfs een betere vetverbranding zien wanneer de avondmaaltijd de grootste maaltijd van de dag is. In een Israëlisch studie uit 2011 kregen twee groepen een identiek afslank dieet1. De ene groep verdeelde echter de koolhydraten (50% van de totale calorieën) over de dag, terwijl de andere groep alle koolhydraten nuttigde bij het avondmaal. Deze tweede groep had na afloop van de proef 2 kilo meer vet verloren dan de groep die de koolhydraten spreidde. Bloedanalyse wees uit dat de groep die ’s avonds veel at hogere concentraties had van adiponectine. Dit hormoon laat spieren meer voedingsstoffen uit de bloedbaan opnemen. Daarnaast nam de concentratie van ontstekingseiwitten bij deze groep meer af en nam de concentratie van het 'goede cholesterol' HDL meer toe. Ook zakte de nuchtere insuline- en de glucosespiegel meer bij de groep die ’s avonds veel at. Allemaal zaken die duiden op een verbetering van de gezondheid.


In een andere studie uit 2012 kregen twee groepen muizen hetzelfde voer te eten2. De ene groep mocht eten wanneer zij wilden, de andere groep kon slechts gedurende 8 uur eten. De calorie inname van beide groepen was gelijk. Vier maanden na start van de proef was de groep muizen die uitsluitend gedurende 8 uur at aanzienlijk slanker dan de groep die de hele dag door at. 


Een reden die wel te bedenken valt om geen koolhydraatrijk avondmaal te eten, is dat dit de afgifte van groeihormoon tijdens de nacht hindert. Na een flinke maaltijd zal, zeker als deze veel koolhydraten bevat, het lichaam een grote hoeveelheid insuline produceren. In aanwezigheid van veel insuline blijft de afgifte van groeihormoon door het lichaam uit. Tijdens de slaap produceert het lichaam doorgaans het meeste groeihormoon. Dit hormoon heeft onder meer een positief effect op verbranding van vetten en het herstel en de opbouw van het lichaam. 

Het is echter mogelijk dat na het eten van een avondmaal rijk aan koolhydraten de afgifte van groeihormoon gedurende een later stadium van de nacht (als het insulinepeil gedaald is) plaatsvindt dan gewoonlijk het geval is. Dit blijft echter speculatie aangezien ik onderzoeken hiernaar niet heb kunnen vinden. 


  1. Sofer S, et al., Greater weight loss and hormonal changes after 6 months diet with carbohydrates eaten mostly at dinner. Obesity (Silver Spring). 2011 Oct;19(10):2006-14. doi: 10.1038/oby.2011.48. Epub 2011 Apr 7.
  2. Hatori M, et al., Time-Restricted Feeding without Reducing Caloric Intake Prevents Metabolic Diseases in Mice Fed a High-Fat Diet. Cell Metab. 2012 Jun 6;15(6):848-60. Epub 2012 May 17.


  1. De laatste tijd lees ik veel over de positieve eigenschappen van vitamine D. Nu zie ik hoeveelheden voorbij komen die vele malen hoger liggen dan wat het Voedingscentrum aanraadt. Wat zijn de voordelen van een dergelijke hoge inname en is dat wel veilig?

Vitamine D of calciferol is een groep van in vet oplosbare vitamines, waarvan vitamine D2 (de plantaardige vorm) en vitamine D3 (de dierlijke vorm) de belangrijkste zijn. Vitamine D3 is vele malen sterker dan vitamine D2. Vitamine D3 heeft voor de mens dan ook de voorkeur in geval van suppletie of verrijking.


Je lichaam kan vitamine D vormen onder invloed van direct ultraviolet zonlicht. In de winter ben je voor vitamine D afhankelijk van de in de zomer opgebouwde voorraad in je vetlaag en lever in combinatie met vitamine D uit de voeding. Slechts zeer weinig voedingsmiddelen vormen een goede bron van vitamine D. Eigenlijk alleen vette vissoorten bevatten redelijke niveaus. De behoefte aan vitamine D via de voeding is afhankelijk van de hoeveelheid UVB-licht waaraan je bent blootgesteld. Kom je weinig buiten of draag je bedenkende kleding dan loop je een groter kans op tekorten. Mensen met een donkere huidskleur maken minder vitamine D aan wanneer zij in het zonlicht komen. Ook zij hebben dus eerder een deficiëntie.


Vitamine D bevordert de opname van de mineralen calcium en fosfor in je lichaam en is belangrijk voor sterke botten en tanden. Vitamine D helpt verder hart- en vaatziekten  voorkomen en zorgt voor een sterke weerstand, een goede werking van de spieren en speelt een belangrijke rol bij de testosteron productie. Het is vooral deze laatste eigenschap waardoor vitamine D momenteel in de belangstelling staat bij sporters. 


In een Oostenrijks onderzoek uit 2010 werden 2300 mannen onderzocht1. Van hen had 89% een tekort aan vitamine D. Uit de resultaten bleek dat de mannen met de hogere concentraties vitamine D ook de hoogste niveaus van testosteron hadden. Inname van een multivitaminen preparaat had geen significant effect op de concentratie vitamine D in het lichaam . Daarvoor bevatten “multi’s” te weinig vitamine D. Wil je een adequate hoeveelheid vitamine D in het lichaam bereiken, dan resteren er dus maar twee opties: dagelijks zonnen of een sterk vitamine D supplement gebruiken. Gedacht moet dan worden aan een product in een sterkte van ten minste 1000 i.u. per dag


Het is vrijwel onmogelijk om toxische hoeveelheden vitamine D uit voedingssupplementen te halen. Vitamine D heeft pas schadelijke effecten bij serumwaarden van 250 nmol calcidiol per liter of meer. Dergelijke waarden worden pas bereikt bij chronisch gebruik van meer dan 10.000 i.u. (250 mcg) vitamine D per dag. Ter vergelijking: Mensen die wonen in een tropisch klimaat, maken naar schatting 10.000 i.u.(250 mcg) per dag aan; 100 maal meer dan de in Nederland aanbevolen dagelijkse hoeveelheid voor volwassenen!


1= Wehr E, et al., Association of vitamin D status with serum androgen levels in men. Clin Endocrinol (Oxf). 2010 Aug;73(2):243-8. Epub 2009 Dec 29.



  1. Op de verpakking van een supplement dat ik onlangs kocht staat dat ik het op een nuchtere maag moet innemen. Waarom is dit?

In veel gevallen gaat het bij deze supplementen om producten die specifieke aminozuren bevatten. Deze aminozuren kunnen pas hun optimale effect oproepen als zij geen concurrentie hebben van andere aminozuren. Dit betekent dat je vlak voor of na inname van een dergelijk supplement niet mag eten. In ieder geval niet iets dat rijk aan eiwit is, aangezien dit leidt tot verhoogde niveaus van aminozuren in het bloed.


Onze hersenen worden door de bloed-hersen-barrière afgescheiden van de bloedsomloop. Daarbij worden sommige stoffen tegengehouden (zoals bacteriën) en andere doorgelaten (zoals zuurstof of hormonen). Aminozuren kunnen ook door de bloed-hersen-barrière heen dringen en dan in de hersenen een bepaald effect oproepen. Er kan echter maar een beperkte hoeveelheid aminozuren worden doorgelaten. Bij passage van de bloed-hersen-barrière kunnen aminozuren dus met elkaar concurreren. Voor een maximaal effect dient de concurrentie van andere aminozuren dus beperkt te worden. Een voorbeeld vormt het aminozuur l-tryptofaan. Dit aminozuur wordt genomen om een hogere concentratie van de neurotransmitter serotonine in de hersenen te bereiken. Serotonine kan bijdragen aan een rustig en positief gevoel. Wordt l-tryptofaan nu vlak na een maaltijd ingenomen dan zal een te klein deel van dit aminozuur de hersenen bereiken om daar het gewenste effect op te roepen.



  1. Al enige tijd volg ik een eiwitrijk dieet om af te vallen en bereik daar goede resultaten mee. Nu las ik laatst dat eiwitrijke diëten slecht voor de nieren zijn. Ik twijfel daarom of ik wel met mijn dieet moet doorgaan. Wat is verstandig?

Onderzoekers van de Amerikaanse Indiana University publiceerden in mei 2012 hun bevindingen naar het effect van een eiwitrijk dieet op de nieren1. Hun conclusie: “In healthy obese individuals, a low-carbohydrate high-protein weight-loss diet over 2 years was not associated with noticeably harmful effects on GFR, albuminuria, or fluid and electrolyte balance compared with a low-fat diet. Further follow-up is needed to determine even longer-term effects on kidney function.” Er was dus geen significant effect geconstateerd van een eiwitrijk dieet op de nieren. Deze studie was het grootse en langstdurende onderzoek waarbij de effecten van een eiwitrijk dieet vergeleken werden met die van een standaard dieet.


Er is echter een “maar”… Eiwitrijke voeding heeft mogelijk een ander effect op ouderen dan jongeren2. Een onderzoek uit 2008 van de Mayo Clinic School of Medicine wees uit dat de “glomerular filtration rate” (GFR) afnam als ouderen een eiwitrijk dieet volgden. De GFR is een indicator hoe goed de nieren stoffen uit het bloed filteren en via de urine uitscheidden. Bij jongeren op een eiwitrijk dieet werd geen afname van de GFR gezien. Mensen met een verminderde nierfunctie, waar 65-plussers vaak toe gerekend kunnen worden, doen er dus volgens dit onderzoek verstandig aan matig met eiwitten te zijn.


Een stap die deze risicogroep kan nemen is een deel van hun dierlijke eiwitten in te ruilen voor plantaardige eiwitbronnen. Onderzoekers van de Canadese Unversity of Manitoba deden in 2011 onderzoek naar het effect van verschillende eiwitbronnen op ratten met een verstoorde nierfunctie3. Acht weken na het begin van de proef werd de balans opgemaakt: “Kidneys from diseased rats given diets which contained soy or hemp protein compared with casein-based diets were less enlarged, had lower fluid content, smaller cyst volumes, less fibrosis, lower chemokine receptor 2 (CCR2) levels and normalized serum creatinine levels. Soy and hemp protein diets also normalized heart size, which was enlarged in diseased compared with normal rats consuming casein.” Soja en hennep eiwit had dus, in vergelijking met caseïne eiwit, een positief effect op de nierfunctie en zorgde voor een minder zware hartspier. Wellicht vergrootten de plantaardige eiwitten de bloeddruk minder. Bij een hoge bloeddruk moet het hart harder werken wat tot een ongewenste vergroting kan leiden.


Concluderend kan er gesteld worden dat gezonde, jonge individuen veilig een eiwitrijk dieet kunnen volgen. Voor ouderen en mensen met nierklachten kan het verstandig zijn de consumptie van eiwitten te beperken. Deze groep doet er tevens verstandig aan een deel van hun dierlijke eiwitten in te ruilen voor eiwitten uit soja of hennep.


  1. Friedman A, et al., Comparative Effects of Low-Carbohydrate High-Protein Versus Low-Fat Diets on the Kidney. Clin J Am Soc Nephrol. 2012 May 31. [Epub ahead of print]
  2. Stephane Walrand, et al., Functional impact of high protein intake on healthy elderly people. AJP - Endo October 2008 vol. 295 no. 4 E921-E928
  3. Aukema HM, et al., Distinctive effects of plant protein sources on renal disease progression and associated cardiac hypertrophy in experimental kidney disease. Mol Nutr Food Res. 2011 Jul;55(7):1044-51. doi: 10.1002/mnfr.201000558. Epub 2011 Feb 3.
Toegevoegd aan winkelwagen
✔️Gratis verzenden vanaf €20 ✔️ 30 dagen omruil garantie ✔️Super snelle DHL levering ✔️Zelfde dag ophalen mogelijk ✔️24/7 support via Whatsapp Gratis verzending boven de €20 U bent gekwalificeerd voor gratis verzending - Gratis verzenden - 30 dagen omruil garantie Uw bestelling wordt gratis verzonden ☺ Gratis verzending vanaf €20 - Gratis verzenden - 30 dagen omruil garantie Je hebt gratis verzending bereikt Gratis verzending boven de XX U heeft gratis verzending bereikt